Populair wetenschappelijk magazine over o.a. radioamateurisme

rev. 11/11

No. 37i - 12 november 2006 - Regelmatig een nieuw artikel - Eindredactie: John Piek (PA0ETE)
©2006 copyright: Piek-E press, tenzij anders vermeld

  

 ---> Novice Band Special <--- 

Deze editie: Antennes voor 40, 20 en 10 meter (1)

     

 

  
Nieuw artikel

Nu de nieuwe toestemming voor het zenden op kortegolfbanden door N-amateurs er op heel korte termijn aankomt, is het misschien aardig om de komende edities van Vragenrubriek.nl eens wat aandacht aan te besteden een aantal aspecten van het werken op kortegolf. In de komende edities van deze site staan daarom de 40, 20 en 10 meterband centraal.

De eerste afleveringen van deze Novice Band Special gaan over antennes, een van de meest interessante en ook meest bediscussieerde onderwerdelen van het radioamateurisme!

De voorang die we geven aan dit onderwerp betekent dat enkele andere artikelen die al op de planning stonden, waaronder deel twee van de beschrijving van de lineaire versterker voor zes meter, even op zich zullen laten wachten. JP


 ---> Novice Band Special <--- 

Antennes voor 40, 20
en 10 m (1)

Veel N-amateurs zullen op dit moment vermoedelijk al wel apparatuur hebben voor gebruik op HF, of op het punt staan om er iets voor aan te schaffen. De meeste mensen gebruiken tegenwoordig gekochte apparatuur om op de kortegolf te kunnen zenden. Hoewel de kortegolf door de eenvoud van de apparatuur ook heel geschikt is om zelf succesvolle bouwprojecten te ondernemen, zullen we er voor het gemak maar van uitgaan dat de meeste N-amateurs die binnenkort van de nieuw toegestane banden gebruik gaan maken, dit met kant en klare apparatuur doen. Daarbij moeten we uiteraard niet vergeten dat er niettemin een redelijk aantal mensen is, die hun apparatuur -al dan niet uit een bouwpakket- zelf maken. Voorlopig leggen we ons echter neer bij de meerderheid en besteden de komende afleveringen nagenoeg geen aandacht aan de apparatuur, maar vooral aan de zaken die er verder nog komen kijken bij het werken op HF. Zo is er met name aandacht voor de antennes.
  
In tegenstelling tot 2 meter en 70 centimeter kun je op de kortegolf al met uiterst eenvoudige antennes heel erg leuke verbindingen maken. Dat verschilt overigens wel een beetje per band. Er zijn behoorlijke verschillen tussen de 40, 20 en 10-meterband.

Gekochte antennes zijn tegenwoordig vaak multiband-antennes. Daar is niets mis mee: wanneer het op een hogere band niet meer gaat, omdat de condities instorten, kun je op de lagere band vaak nog wel leuke verbindingen maken, en soms ook andersom. De flexibiliteit om eenvoudig tussen banden te kunnen omschakelen is een belangrijk voordeel van dit soort voor meerdere banden geschikte antennes, zeker wanneer de beschikbare ruimte voor antennes beperkt is. Wat veel mensen zich echter niet realiseren is dat een multiband-antenne altijd een compromis zal zijn. Het feit dat hij op meerdere

banden werkt levert in vrijwel alle gevallen in enige mate verlies op ten opzichte van een enkelband-antenne voor één van die banden. Dat verlies is in een aantal gevallen vrij klein, maar het speelt wel degelijk een rol.

Een ander nadeel van een multiband-antenne is dat het, of het nu een zelfbouwantenne is of een gekochte, veel moeilijker is om mee te experimenteren. Wanneer je namelijk aan de ene band komt, heeft dat in veel gevallen ook consequenties voor de werking op andere banden. Het experimenteren met antennes is echter wel een van de leukste aspecten aan onze hobby. Dat komt bijvoorbeeld doordat de antennepraktijk door de vele factoren die een rol spelen, niet bepaald een exacte wetenschap is. Verder is er zeker geen extreem hoog kennisniveau nodig om toch heel goede resultaten te bereiken.


De omgeving van de antenne

Een van de dingen die nog wel eens worden vergeten bij antennes is de omgeving. Wat staat er in de buurt van een antenne? Staat deze pal naast een gebouw? Helemaal vrij, of midden tussen andere antennes? Een gekochte antenne houdt niet in alle gevallen voldoende rekening met dit soort omstandigheden. Om die reden is een experimenteel samengestelde, en op een bepaalde situatie toegespitste antenne vaak beter dan een gekochte.

Een aspect dat dikwijls buiten beschouwing blijft, is dat sommige typen antennes ook veel gevoeliger zijn voor omgevingsomstandigheden dan andere. Daardoor zullen sommige antennes optimaal presteren wanneer ze bovenop een hoge mast overal bovenuit torenen, terwijl andere typen nog uitstekend blijven werken wanneer ze deel uitmaken van een waar antennewoud.

Antennes waar extreem hoge spanningen op voorkomen bijvoorbeeld hebben veel last van verstoringen door hun omgeving (gebouwen in de directe nabijheid, en zeker metalen voorwerpen en ook andere antennes). Dat komt doordat de plaatsen met veel spanning relatief veel last hebben van capacitieve (elektrische) beïnvloeding. Zo'n antenne raakt makkelijk uit de afstemming door andere objecten (en tijdens het heen en weer waaien van zo'n antenne veranderen dan voortdurend de eigenschappen). Het gedeelte van de antenne met het elektrische veld waar het hier om gaat is voor de de afstraling overigens het minst belangrijk: het gaat daarbij juist om het deel dat magnetisch straalt. In dat magnetische deel is de stroom het grootst, en niet de spanning en beïnvloeding van buitenaf speelt daar dus ook zo goed als geen rol.

Voorbeelden van 'gevoelige' antennes zijn bijvoorbeeld rondstralers voor 2 meter en 70 cm met veel versterking, maar ook de lange sprietantennes zonder tegencapaciteit op 27 / 29 MHz. Heb je veel zaken in de omgeving van de antenne staan dan kan het beter zijn om in plaats van zo'n lange spriet, een GP of (op 2m of hoger) een discone te plaatsen. Zeker wanneer de top van zo'n GP of discone op dezelfde hoogte komt te staan als waar anders de top van de lange spriet zou zijn gekomen. Een antenne die zich relatief weinig van objecten in zijn omgeving aantrekt is de quad. Dit geldt zowel voor een enkel quad-element als de meer-elementsvariant, en het geldt ook voor afgeleiden zoals de cirkelvormige loop-yagi en de delta-loop.

Maak een keuze

De keuze van een antenne hangt niet alleen af van de situatie, maar ook van wat je wilt. Wat dit betreft verschillen de nieuwe Novice-banden onderling nogal in eigenschappen, vooral in het zonnevlekkenminimum waar we nu in zitten. Op tien meter zullen de meeste verbindingen die op dit moment mogelijk zijn verbindingen met andere Nederlanders zijn op maximaal zo'n 60 km afstand. De openingen zijn zeldzaam en verbindingen over grote afstanden zullen vaak met met het voor DX-ers minder interessante Zuid-Europa of bijvoorbeeld Rusland zijn. Vanwege die Nederlandse stations is het van belang dat de gebruikte antenne zo hoog mogelijk staat. Die hoogte is voor de verre verbindingen van veel minder belang. Daarbij straalt het signaal namelijk onder een hoek omhoog, om in het betreffende land weer omlaag te komen. Natuurlijk is het in een aantal gevallen voor verre verbindingen ook van belang om je antenne hoog te plaatsen, om zo verder over de horizon te kunnen kijken.

Op 40 meter speelt die hoogte een veel minder grote rol. De afstand van een skip (een sprong die het signaal via de hogere luchtlagen maakt) is kleiner, en daardoor is de opstraalhoek die nuttig is ook veel steiler dan op bijvoorbeeld 10 meter. Dat komt overigens goed uit, want het is ook veel lastiger een grote 40 meterantenne heel hoog te plaatsen dan een antenne voor 10 meter. De 20 meterband ligt er hier overigens niet alleen qua frequentie tussenin, maar ook voor wat betreft de antenne-eigenschappen.

Uiteraard zijn er ook onder N-amateurs door de wol geverfde kortegolf-DX-ers, bijvoorbeeld omdat ze in een DX- of contestgroep actief zijn, maar het zal eenieder duidelijk zijn dat het veel uitmaakt of je gewoon een leuke babbel wilt maken met stations in Europa, of dat je serieuze DX-verbindingen wilt draaien.


Voor de hand liggende antennetypen

Wanneer je de drie nieuwe banden bekijkt, dan zijn het echt verschillende antennetypen die vermoedelijk bij veel mensen met wat ervaring op dit gebied in gedachten komen om op een eenvoudige manier toch leuke verbindingen te kunnen maken. We gaan er dan maar even van uit dat dit artikel zich niet richt op die doorgewinterde DX-ers die zopas al aan de orde kwamen. 

(In de volgende aflevering van dit artikel komen verschillende antennetypen voor deze drie banden aan de orde, en verder het gebruik van antennetuners)

vorige - home - volgende


    

    banner van deze site (downloaden met rechtermuisknop, Opslaan als...)
Persbericht van 1 november 2006

©2006, copyright op alle materiaal: Piek-E press, tenzij anders vermeld.
Kopiëren of publicatie zonder schriftelijke toestemming vooraf verboden 
Van toepassing zijn daarnaast de meest recente algemene voorwaarden van Piek-E press.
Met dank aan iedereen die een bijdrage aan deze site heeft geleverd!