De huidige frequenties van PI3XDV

Huidige frequenties van PI3XDV:

  • 29,610 MHz analoge ingang (beperkte antenne)
  • 50,570 MHz analoge ingang (tijdelijk uit i.v.m. sporadische E)
  • 70,350 MHz analoge ingang (tijdelijk uit i.v.m. sporadische E)
  • 144,875 MHz analoge ingang (koppelt alleen naar EchoLink, relayeert niet in de ether)
  • 144,875 MHz analoge uitgang. Zendt 77Hz CTCSS uit als de zender in de lucht is.
  • 430,975 MHz digitale ingang (D-STAR, koppelt alleen naar D-STAR-netwerk, relayeert niet in de ether)
  • 430,975 MHz digitale uitgang (D-STAR)
  • 439,975 MHz Nieuw! (analoge ingang, beperkte antennesituatie, ingang zit 9 MHz hoger dan de digitale hotspot!)

N.b. de frequentie 430,975 MHz werkt geheel onafhankelijk van de analoge repeater.

Over SO-50 werken: eenvoudig een eerste satelliet-QSO maken!

Bruce Paige KK5DO noemde gisteren in de Daily Minutes dat veel mensen niet weten waar te beginnen als ze met satellietcommunicatie beginnen. Ik kondigde gisteren al aan dat ik die tekst naar het Nederlands wilde vertalen.

Je moet uiteraard eenvoudig beginnen als je QSO’s via een satelliet wilt maken. Pas op, want het is een verslavende bezigheid.

De eenvoudigste satelliet om overheen te werken de SO-50.

De reden dat volgens Bruce deze satelliet zo eenvoudig maakt om te gebruiken, is dat je alleen maar een tweebanden FM-portofoon voor 2m en 70 cm nodig hebt om verbindingen met de satelliet te maken. Dit gaat al met een eenvoudige antenne.

Er zijn dingen die je in de portofoon moet programmeren:

Eerst moet je de downlinkfrequentie van 436,795 MHz instellen. In FM uiteraard. Downlink betekent dat dit de ontvangstfrequentie is.

Stel vervolgens de zendfrequentie in, dit is 145,850 FM.

Aan de zendkant moet je vervolgens 67,0 Hz CTCSS instellen.

Er zit verder een 10 minutentimer in de satelliet die ingeschakeld moet worden. Doorgaans heb je daar niets mee te maken, alleen als je de eerste op de satelliet bent. Als je stations op de satelliet hoort, is hier al voor gezorgd, en kun je gewoon beginnen.

Vergeet niet om met een geschikte app of een programma op te zoeken waar de satelliet zich bevindt, zodat je weet waar je de antenne naartoe moet richten.

Verbinding maken met een simpele telescoopantenne op je porto gaat ook. Een kennis van Bruce heeft op die manier al meer dan 5000 verbindingen gemaakt. Dit is echter niet makkelijk en vergt de nodige oefening.

Je kunt beter een kleine yagi gebruiken zoals het merk Arrow en het merk Elk die voor satellietgebruik maakt met bijvoorbeeld 3 elementen voor 2m en 7 elementen voor 70 cm. Je kunt zo’n antenne ook vrij gemakkelijk zelf maken. Zo’n antenne vergemakkelijkt het maken van verbindingen sterk.

Ga vervolgens op UHF naar de satelliet luisteren, en compenseer voor het doppler-effect.

Doppler is hetzelfde effect dat je hebt met de sirenes van bijvoorbeeld ambulances. Als de ambulance naar je toe komt is de frequentie hoger, en rijdt hij van je af is het geluid lager.

Hetzelfde gebeurt bji satellieten: als deze op je af komt, is de frequentie enkele kHz hoger, en gaat hij weer van je vandaan is de zendfrequentie lager.

Als de satelliet naar je toe komt, moet je dus iets hoger afstemmen, en gaat hij van je af iets lager dan de vermelde frequentie van 436,795. Als de satelliet recht boven je zit, ontvang je hem op deze frequentie

Als je de frequente verandert hoor je op een gegeven moment de satelliet. Dit gaat iets gemakkelijker met een portofoon die 2,5 kHz stappen heeft, dan met 1 van 5 kHz stappen. Je mist waarschijnlijk een gedeelte van de overkomst als je met 5 kHz stappen werkt, maar je kunt het als je dit voor lief neemt wel gebruiken. Draai steeds verder naar beneden als de satelliet overkomt. Als je iemand hoort probeer het dan uit: druk de PTT in en roep het tegenstation aan.

De meeste stations willen een locator van je horen, dus het is wel handig als je die bij de hand hebt.

Dit is alles wat je hoeft te weten om je eerste verbinding via een satelliet te maken.

Deze tekst staat ook op www.pa0ete.nl voor het geval je hem nog een keer wilt doorlezen.

https://www.amsat.org/two-way-satellites/so-50-satellite-information/

Some sideband and carrier matters

Receiving data is best using only one of the sidebands of the AM signal. This can be done by using a narrow AM filter (normal is 6 to 9 kHz, use 3 to 4 kHz instead) and tuning to the carrier and one of the side bands. Alternatively you can use USB or LSB.

Receiving both sidebands can be a problem if propagation distorts both sidebands differently, which is often the case. Using only one sideband prevents this, giving a better reception.

Using a synchronised AM detector for digital signals most often isn’t an improvement, because both sidebands are used then too.

Synchronised AM can improve music quality though. With very deep QSB often the carrier dissapears partly or competely. This can cause distortion similar to receiving SSB on an AM receiver, which can be quite catastrophic for your music experience.

A synchronised AM detector introduces it’s own carrier, which always has the appropriate level, keeping it in sync with the original carrier, even if it dissapears for a short while, hence improving audio quality very much during those instances.