©2007 Alles op deze site is copyright shorties.nl, tenzij anders vermeld.

744. Voordringen

744. Voordringen

22 oktober 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Niemand is tegenwoordig tevreden meer. Lastige kinderen zijn volgens vooral leraren en in tweede instantie ouders, hyperactief en moeten een pilletje. Binnenkort komen er smartpillen, waardoor je tijdelijk slimmer wordt, en je kunt er donder op zeggen dat er een studentenvakbond is die gaat eisen dat ze in het ziekenfonds komen. En in tweede instantie dat werkgevers gaan eisen dat hun mensen die gaan slikken. 

Ook qua uiterlijk gaan mensen steeds meer aan zichzelf sleutelen. Oudere mensen maken zichzelf zo jonger, iets dat ik als vijftiger die overigens niet ontevreden is met zijn uiterlijk best goed kan begrijpen. Maar wat moet ik denken van tieners wiens ouders het zich kunnen veroorloven, met een medisch niet noodzakelijke borstvergroting of andere soortgelijke veranderingen aan hun uiterlijk? Over tien of vijftien jaar, zo zul je zien, is de mode ineens weer cup-A en voor je het weet veranderen de al dan niet gewenste uiterlijke kenmerken met de seizoenscollecties mee.

Het is niet dat ik het die mensen niet gun, maar er is toch iets bij mij dat er bij die verschijnselen jeukt. Ik vind ook dat er iemand is die het maar eens moet zeggen gewoon. Natuurlijk gaan de ontwikkelingen verder, en wordt het uiteindelijk ook mogelijk om al die seizoencollectiegekte ook nog zonder grote problemen met operaties te kunnen volgen. Het ene jaar beheersen dikkerdjes met, zeg maar een spitse neus het straatbeeld, en het jaar erop dezelfde mensen als magere spicht maar met cup K-plus en een formidabel grote, maar ook weer niet te ver naar achteren uitstekende derrière.

Vanzelfsprekend komen er uiteindelijk ook IQ-verhogende operaties. Die werkgevers dan als voorwaarde stellen om voor promotie in aanmerking te komen. En lagelonenlanden met enigszins totalitaire inslag en een tekort aan laagbetaalde fabriekswerkers gaan dan juist IQ-verlagende operaties verplichten.

Ik voorzie dat iedereen op termijn steeds meer op elkaar gaat lijken. Alle meisjes zien eruit als blonde of gekleurde beauty queens, de mannen breedgeschouderd, als in een hedendaagse reclame voor een uit de mottenballen gehaalde after shave uit de eerste helft van de vorige eeuw. Alle blakendwitte tanden van iedereen op dezelfde rij. Holy shit!

Ja holy shit! Want ik steek zelf juist oh zo graag een beetje boven het maaiveld uit. I just like to stick out in a crowd, hekel als ik heb aan conformeren.

Wat is er rododendron nog aan toe mis met een dorpsgek? Die zijn er door de eeuwen heen altijd geweest. Net als de hofnar. En het lelijke eendje. Natuurlijk, ik ben tegen ondraaglijk lijden. Mensen met een depressie moeten geholpen. Net als mensen met pijn. En ook met erge zielepijn. Maar tegen niet helemaal volgens de norm zijn vind ik deze maatregelen overkill.

Ik ben voor authenticiteit. Maar los van het feit dat ik ingespoten botox en andere ingrepen waarvan je toch eigenlijk wel weet dat ze nep zijn gewoon lelijk vind, doe je jezelf daarmee niet gewoon ongelooflijk geweld aan? En geldt niet hetzelfde voor allerlei ingrijpen in het brein?

Ik zou het zelf niet zo snel doen, maar ik vind aan de andere kant mensen met tattoo's juist helemaal geweldig. Net als piercing's (dat heb ik zelf ook wel eens overwogen). Ook vormen van carving (tatooëren d.m.v. littekenweefsel) en andere modificaties als ingebrachte parels en gespleten tongen, ze zijn voor mij een teken van authenticiteit, stijl en een al dan niet goede eigen smaak. Maar jezelf met soortgelijke maatregelen voordoen als mooier, jonger, slimmer, dommer of meer tot de middelmoot behorend, is natuurlijk gewoon flink nep en daarmee inherent dus eigenlijk reuze lelijk.

Verdikkeme, auto's pimp je op. En huizen. En desnoods oude televisieprogramma's. Maar luister goed, vooral wat écht is, dat is mooi. Authenticiteit, zoals ik dus daarnet al zei! Ik ben behoorlijk atheïstisch, maar plastische chirurgie is, als het niet een functie heeft en alleen is voor de mooi toch niets anders dan bij het uitdelen van lichaamsdelen bij de schepping voordringen?

Categorie: opinie - plusminus 644 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

Van mijn Twitter-page

Van mijn Twitter-page:

Dit is leuk! Let ook op de nep Googel-Ads
onderaan. This is great! Mind the fake
Googel Ads below :-)
http://bit.ly/bsClFh

John Piek's playlist

John Piek's playlist op YouTube (>110 popsongs): http://bit.ly/a9eyeu

743. Reclame: de droogrimpeltjes van Willy Dobbe

Deel 12: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

743. Reclame: de droogrimpeltjes van Willy Dobbe

18 oktober 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Reclame voor cosmetica is overigens een verhaal apart. Bij cosmetica vliegen de semi-wetenschappelijke termen en de door de marktpartijen zelf uitgevonden woorden je geregeld om de oren. Wie herinnert zich de droogrimpeltjes van tv-omroepster Willy Dobbe niet? Omdat de producten in het echt helemaal niet zoveel van elkaar verschillen, is het net als bij een aantal andere producten vooral imago waarvoor klanten de pecunia's betalen. De grondstoffen voor veel cosmeticaproducten, en met name voor de anti-rimpelzaken bestaan namelijk vaak in hoofdzaak uit niet meer dan vaseline, een beetje alcohol en een hoop water uit de kraan. Wat er daarnaast nog in zit kan per fabrikant verschillend zijn. Soms zijn dit vitaminen, met name vitamine E of andere zaken die in worteltjes zitten (gek dat ze nooit daarnaast ook nog claimen dat de cremepjes ook nog goed voor de ogen zijn....) Ook zitten er tegenwoordig dikwijls allerlei spullen in die goed zijn tegen vrije radicalen. Die vrije radicalen zijn aggressieve zuurstofmoleculen, waarvan lange tijd vermoed werd dat ze door extra oxydatie het ouderdomsproces versnellen. Het is met name zuurstof waardoor mensen (en ook het dierenrijk) verouderen. Vervelend is dat je tegelijk ook niet helemaal zonder kunt, omdat je anders daadwerkelijk helemaal niet ouder wordt (maar tegelijk ook niet heel erg blijft leven).

Tegenwoordig zijn er meer en meer signalen uit de wetenschap dat het bestrijden van die vrije radicalen niet echt helpt om het verouderingsproces te vertragen of zelfs te stoppen. Integendeel, meerdere onderzoeken tonen aan dat de stoffen die de vrije radicalen zouden moeten verminderen zelf het ouderdomsproces versnellen. En toch hoor je nog zeer veelvuldig reclames voor cosmetica-producten en shampoos en wat al niet meer die met allerlei toevoegingen onverminderd die vermaledijde vrije radicalen te lijf gaan. De waarheid vertellen, na zo lange tijd zou natuurlijk ook het imago van de producten niet ten goede komen, dus dan maar beter nog een beetje onder stoelen of banken...

Een andere eigenschap van cosmeticareclame is dat ze dikwijls een stapeling van vaak heel veel feiten toepassen. Het is een techniek uit de psychologie om een soort rookgordijn aan te leggen. Je poneert een stelling die zo is opgesteld dat mensen even moeten nadenken om te bedenken dat het misschien niet waar is, of niet helemaal waar. En vóórdat de mensen dat kunnen beredeneren kom je met de volgende stelling waarvoor misschien hetzelfde geldt. En dat dan acht of tien keer achter elkaar. En als er dan een paar andere spotjes voor andere producten zijn geweest doe je het nog een keer over om te kijken of je de bal in het doel kunt koppen. De kans is dan groot dat meerdere van deze stellingen, zeker als ze vaak herhaald worden blijven hangen. En omdat er geen tijd is geweest om ze kritisch te beredeneren is er ook een redelijke kans dat dat achteraf ook niet meer gebeurt. Het werkt overigens alleen heel goed voor dingen waar mensen niet al te vaststaande kennis over hebben. Mensen hiermee laten onthouden dat de burgemeester van je eigen woonplaats een paarse smurf is die iedere ochtend om zijn conditie op peil te houden naar de maan rent gaat er op die manier niet in. Maar van de heel deskundig klinkende mumbo jumbo die in de gemiddelde cosmeticareclame doorgaans klinkt hebben de meeste mensen niet voldoende kennis om de eventuele onwaarheid in deze reclamewoordendiarree direct al te doorzien.

wordt vervolgd

Naar aanleiding van wat ik in column 742 over melkproducten schreef kreeg ik onderstaande reactie die ik met toe- cq. instemming van de afzender graag plaats :-)

Hallo John,

Al sinds m'n vijftiende heb ik vaak en zeer onregelmatig migraine gehad. Diverse onderzoeken hebben nooit de oorzaak kunnen vinden, ondanks o.a. elektroden op het hoofd geplakt en dan met stroboscooplamp patronen creëren, contrastvloeistof in de bloedbaan gespoten en door de scanner heen gehaald, verschillende soorten pilletjes en ik weet niet wat nog meer.

Afijn, ongeveer een jaar geleden zag ik op een Duitse zender een programma over de voors en tegens van melk. De meerderheid van de wereldbevolking blijkt allergisch voor melk te zijn. En, één van de allergische reacties was: migraine. Ik dronk al jaren minstens een halve liter melk per dag. Ben dus maar eens gestopt met melk drinken om te kijken of dat iets uithaalde..... en sinds die tijd dus geen migraine meer!

Bewerkte melk (bijv. yoghurt, kaas) geeft geen enkel probleem. Een poosje terug heb ik in de supermarkt weer eens zo'n klein pakje Chocomel van Nutricia gekocht. Heerlijk. En vlak daarna: migraine. Dus ook geen Chocomel meer, helaas.

Dus als je ooit iemand treft die wel eens last van migraine heeft, vraag hem/haar maar eens of melk bestanddeel van hun voedselpatroon uitmaakt, zo ja, maar eens even zonder proberen.

Ik had dit graag enige tientallen jaren geleden al geweten.

Groeten, K.

Bronvermelding column: geen

Categorie: opinie - plusminus 562 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

742. Reclame: Angst in de reclame

Deel 11: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

742. Reclame: Angst in de reclame

6 oktober 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Een techniek die begin jaren zestig ook min of meer door het bedrijf Proctor & Gamble werd geïntroduceerd, is het gebruik van angst in de reclame. In eerste instantie (het was nog vóór de grote emancipatiegolf van vrouwen in de jaren zestig en zeventig) werd er om de verkoop van allerlei reinigingsmiddelen te promoten, ingespeeld op de angst die veel vooral pasgetrouwde Amerikaanse vrouwen hadden om in de ogen van hun man, de schoonfamilie of de buurt geen goede huisvrouw te zijn. De angst bijvoorbeeld voor wat manlief bij thuiskomst van een vuile zeilvloer zou zeggen. Of dat buurvrouw zou zien dat de toen nog vaak buiten hangende was niet schoon zou zijn. Of de angst voor een al in de kast staande nog altijd enigszins vuile vaat, waar het oog een bezoekende schoonmama natuurlijk al binnen de eerste minuten van de bezoek op zouden vallen. Pas getrouwde vrouwen zijn nog niet zo merkvast als andere doelgroepen en kunnen daarom gemakkelijker worden bewogen om een ander wasmiddel te kiezen. En dus dit was voor de reclamemakers ook om die reden een aantrekkelijke groep.

De methode wordt ook nu nog steeds gebruikt, zij het wellicht iets subtieler. Tegenwoordig gaat het vaak om de angst om niet aan bepaalde schoonheidsidealen te voldoen, de angst om oud te worden of de angst voor bepaalde gezondheidsproblemen in het algemeen. Die laatste twee al dan niet in combinatie met de sociale ongemakken die zij met zich meebrengen.
Bij dit soort van angst gebruik makende reclames gaat het bijvoorbeeld vaak om allerlei yoghurtdrankjes of om margarineproducten tegen hartfalen. Overigens staat van deze beide laatste producten nog altijd niet met zekerheid vast of ze echt wel een positieve werking hebben. Hetzelfde geldt overigens voor de in de reclame vaak geponeerde gezonde werking die de inname van melk zou moeten hebben.

In de wetenschap komt de laatste jaren een steeds sterker wordende stroming op gang die stelt dat het tot je nemen melk helemaal niet zo gezond is. Meer dan ruim een halve liter melkproducten per dag zijn sowieso niet bepaald erg goed voor de nieren, zoveel is al langer bekend, en meerdere onderzoeken laten daarnaast zien dat het consumeren van melk of melkproducten voor een goed bottengestel helemaal niet uitmaakt. Daarnaast kan melk, vanwege de erin aanwezige dierlijke groeihormonen in bepaalde gevallen de groei van kwaadaardige tumoren stimuleren. Wat in ieder geval wel vast staat is dat je ook zonder de consumptie van melk gewoon een heel gezond leven kunt hebben, en ook geweldig oud kunt worden. Driekwart van de Aziatische bevolking bijvoorbeeld is volstrekt allergisch voor bepaalde ingrediënten van koemelk en kunnen het dus domweg helemaal niet tot zich nemen. Om die reden vind ik verhalen van Nederlandse zuivelbedrijven die een stap naar de Chinese markt ondernemen vaak ook altijd zo geweldig moedig.

Toch hoor je ze nog geregeld, die Joris Driepinterverhalen. Reclame voor melk en voor de gezonde aspecten ervan was echter in het verleden vaak ook vooral reclame om de overschotten die er op de Europese markt voor melk waren, de welbekende melkplas die de oorzaak was van alle melkquota-ellende, tenminste een klein beetje te laten slinken.

wordt vervolgd

Bronvermelding: geen

Categorie: opinie - plusminus 509 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

741. Reclame: De allerbeste column van John Piek ooit

Deel 10: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

741. Reclame: De allerbeste column van John Piek ooit

2 oktober 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Wat je in de begintijd van de tv-reclame nog regelmatig zag, en ook nu nog wel eens aantreft is dat de directie van het bedrijf in kwestie zich intensief met de reclame bemoeit. Natuurlijk ook daar zitten mensen met veel kennis van het vak. Bekend is dat Freddy Heineken een van de meest briljante mensen uit de reclamehistorie was die zich bemoeide met dat soort details als dat de letters 'e' in het woord Heineken eruit moesten zien als kleine lachende happertjes. En dat in een tijd dat niemand de eerstkomende decennia nog ooit iets van Pac-Man had vernomen.

Wat ik bedoel is dat er dan per se een zinnetje in zit dat refereert aan iets dat volledig strijdig is met de rest van de reclamespot, en dat het ongetwijfeld in de directiekamer goed doet, maar dat in de reclamespot leidt tot een grote stijlbreuk. Heel soms verschijnt zelfs de directeur zelf met meestal een brede grijns in beeld, of je ziet het inderdaad prachtige maar volledig niet ter zake doende pand van het bedrijf. Waarschijnlijk zit er in dat soort gevallen de gedachte achter 'wij betalen uiteindelijk de rekening dus wij bepalen als we een goed idee denken te hebben ook wat er gebeurt.' Ik zit me suf te denken op voorbeelden, maar ik moet toegeven dat het verschijnsel zich tegenwoordig gelukkig wel minder en minder voordoet.

Opmerkelijk fenomeen zijn verder de gratuite opmerkingen en gratuite claims. Daarmee bedoel ik stellingen die als je oppervlakkig luistert heel stellig klinken, maar die als je beter luistert niet meer zijn dan een luchtbel of in een enkel geval een sigaar uit eigen doos.

Bekende kreet uit de huidige reclame is bijvoorbeeld 'De droogste luiers van Pampers ooit.' Ze zeggen niet 'De droogste luiers van allemaal', of 'Veel beter dan van onze concurrenten'. De enige uitzondering is dat er wel soms bedrijven claimen de goedkoopste te zijn. Maar dat zijn cijfers, die zijn goed te meten. De stellige claims over kwaliteit zijn verdwenen toen een jaar of wat geleden Wilkonson claimde met haar nieuwe mesjes de op dat moment beste in de markt te zijn. (Als ik me niet vergis was de stelling 'de beste mesjes die ooit gemaakt zijn' of zoiets). Gillette pikte dat niet en spande een rechtszaak aan, die het uiteindelijk won. De eerste bij wie ik zelf vervolgens de gratuite variant van deze claimreclame zag was bij Gillette zelf, die zoiets zei als 'de beste scheerervaring van Gillette ooit'.

Uiterst irritant in de reclame vind ik altijd het merk Dreft. Het afwasmiddel van Neutral dat ik zelf al jaren gebruik gaat (ik weet niet of het klopt) in mijn beleving een heel stuk langer mee dan Dreft, dat ik eerder vaak gebruikte. Ik stapte over op Neutral, waarvan ik eerder al het witwasmiddel gebruikte, toen ik de geparfumeerde luchtjes van bestaande afwasmiddelen zat was. Het zou trouwens heel goed kunnen dat Dreft in werkelijkheid zelf helemaal niet vindt dat het het langste meegaat zoals het merk al jarenlang probeert te suggereren, want in haar huidige reclame zegt Dreft letterlijk: "Generaties vertrouwden erop dat Dreft 75% langer mee zou gaan." Het kan vanuit die eigen stelling van het bedrijf dus heel goed zijn dat Dreft al die generaties steevast een rad voor ogen heeft gedraaid. Hoezo dat het langer mee ZOU gaan? Is dat dan voor de spreker van het bedrijf zelf geen vaststaand feit? En langer dan wat? Langer dan een mensenleven? Of langer dan de kauwgom waar ik nu op kauw? Gooi dus maar in mijn pet...

Ook heel populair bij de marketingmensen dat zijn gratuite keurmerken of gratuite kwalificaties. Komt er een milieuorganisatie met het initiatief voor een keurmerk, waar jouw product of bedrijfsfilosofie met de beste wereld niet is in te passen, dan bedenk je toch een eigen keurmerk? Wanneer je bedrijf groot genoeg is en meerdere merken voert hoef je daarvoor niet eens met branchegenoten te overleggen, en anders zijn er ongetwijfeld meerdere milieu-onvriendelijke bedrijven te vinden die hetzelfde willen. Zweempje milieusuggestiviteit erbij. Een beetje groen in het logo. Doet het áltijd goed...

Het introduceren van een waar oerwoud van keurmerken is voor marktpartijen sowieso erg interessant. Hoe meer waardeloze je hebt, hoe minder die paar die wel degelijk op integere ideologische basis zijn opgezet ertoe doen.

Bekend voorbeeld van een gratuite kwalificatie is bijvoorbeeld het scharrelei. De meeste mensen kopen scharreleieren omdat ze denken dat die wellicht meer milieuvriendelijk tot stand zijn gekomen, en ze dus ook beter zijn voor de koper zelf. Maar vooral hebben scharreleieren het imago dat ze van vrij op een erf rondscharrelende kippen komen. Niets is minder waar: scharreleieren zijn momenteel zo'n beetje de meest dieronvriendelijke eieren die er zijn te krijgen. Eieren van legbatterijkippen waar de scharreleieren lang geleden voor in de plaats kwamen zijn nog erger, maar die zijn in de Nederlandse supermarkten als in de dop verkochte eieren zo goed als dus niet meer te vinden

Scharrelkippen zitten met zijn negenen in een stal binnen, op één vierkante meter ruimte. De term scharrelei zegt ook niets over wat een kip tijdens haar leven te eten heeft gekregen. Bij scharrelkippen is het preventief toedienen van medicijnen als anti-biotica gewoon toegestaan en bij scharrelkippen mogen de snavels worden afgeknipt, wanneer de kippen anders door de stress elkaar teveel beschadigen.

Vrije uitloopeieren zijn beter. Kippen die met vrije uitloop worden gehouden mogen overdag onbeperkt zelf naar buiten lopen. De uitloopvlakte moet daarbij voor het grootste deel begroeid zijn en voor iedere kip moet vier vierkante meter beschikbaar zijn. Dus niet zoals de negen kippen per vierkante meter bij scharreleieren en zelfs achttien kippen per vierkante meter in de legbatterij.

Overigens is de werkelijkheid altijd veel ingewikkelder dan een populistische politicus in een one-liner kan verpakken. Mensen die tegen dierenleed zijn hebben vaak tegengestelde belangen tegenover mensen die het milieu belangrijker vinden. Dit terwijl ze beide toch vaak tot de linkse kerk behoren. Door een legbatterijkip komt er vijf maal zo weinig schadelijke ammoniak in het milieu terecht dan bij een vrije uitloop- of een scharrelkip. En ook het gevaar van de verspreiding van soms ook voor de mensen gevaarlijke ziekten als bijvoorbeeld vogelgriep is bij legbatterijkippen een heel stuk minder groot.

wordt vervolgd

Bronvermelding: diverse bronnen, wikipedia (om op te zoeken of details kloppen)

Categorie: opinie - plusminus 1030 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

740. Reclame: As the World Turns

Deel 9: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

740. Reclame: As the World Turns

28 september 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Eigenlijk moet dit vooral niet een klaagzang worden, deze reeks columns. Maar het is ook zo verdomde moeilijk om dat niet te doen bij alle gemene streken die bij reclame soms uit de kast gehaald worden.

Ik zeg het nog maar een keer: het zijn heel zeker lang niet allemaal gemene streken. Ik vind ook serieus dat het gewoon het recht is van bedrijven om reclame te maken. En ook om daarbij (binnen zekere grenzen) te proberen uit de markt te hengelen wat er te hengelen valt. En dan snap ik wel dat onder druk van de concurrentie wel eens nog dat ene stapje verder wordt gezet. En dat de concurrentie dat dan ook weer doet, waarna jij als bedrijf... nou ja, dat snap ik dus wel.

Toch kan het ook anders. De bekende reclameman David Ogilvy, van het prestigieuze bureau Ogilvy en Mather dacht zijn hele werkzame leven al dat reclame met humor erin alleen maar contraproductief kon werken. Groot was zijn verbazing dan ook dat toen jongere concurrenten in zijn nadagen juist een heel nieuwe weg kozen en met reclame met humor erin haast megalomane successen behaalden. Mensen gingen het daardoor weer leuk vinden om bepaalde reclames te bekijken.

Dogma's beheersten lange tijd de gedachtenwereld van de reclamemaker. En nog steeds heersen er af en toe in mijn ogen stompzinnige ideeën, die misschien wel werken, maar toch... Lange tijd werden consumenten niet anders gezien dan als makke schapen die je een rad voor ogen kunt draaien om ze die dubbeltjes uit de portomonnee te wringen die allemaal samen bij elkaar jouw aandeelhouders van die blije gezichten geven. Je ziet die houding nog wel in reclames waarin klanten als idioten of als kleine kinderen worden aangesproken. Ik vind zelf vooral dat je mensen altijd serieus moet nemen en moet respecteren. En dat geldt ook voor al dan niet potentiële klanten. Al zijn het er nog zo veel.

In de jaren vijftig en zestig werd er nog volop met reclame geëxperimenteerd. Het medium televisie en in Europa ook de radio nog, stonden qua reclame nog volkomen in de kinderschoenen, ook al omdat reclame op radio en tv in veel Europese landen niet was toegestaan. In die tijd werd in bioscopen geëxperimenteerd met stilstaande beelden met daarop etenswaren afgebeeld. Die werden kort voor de pauzes tussen de film in gemonteerd. Bij onderzoek bleek dat mensen zich er niet bewust van waren dat die beelden überhaupt te zien waren geweest, maar wanneer de beelden in een film zaten steeg wel de omzet van de verkochte versnaperingen in de pauze met enkele tientallen procenten. Al snel stak de Amerikaanse overheid een stokje voor deze manier van verkoopbevordering.

Op televisie werden in die jaren gewoonlijk hele uren aan reclameklanten verkocht. Ook bij Radio Veronica in Nederland was dit in de beginjaren nog de tegenwoordig volkomen ondenkbare praktijk. Zo had je bijvoorbeeld het half uur van Venz. Zoiets wordt nu vooral als slecht voor de merkrupatie van een zender gezien, het zorgvuldig geboetseerde zenderformat gaat met zoiets naar de haaien en het is ook met name erg slecht voor de kijk- en luistercijfers.

Uiteraard waren het alleen de heel grote marktpartijen die zich zo'n heel of half uur konden veroorloven. Het bedrijf Procter & Gamble in de VS was zo'n grote marktpartij. Geregeld kochten zij een uur of langer zendtijd in bij de grote netwerken, die als aanbieder van televisieprogramma's eind jaren vijftig toch al mochten rekenen op een miljoenenpubliek. Het stond technisch allemaal nogal in de kinderschoenen. Het beeld was zwart-wit, comedy-series werden dikwijls uitgevoerd door mensen die ook in het theater furore hadden gemaakt, maar die niet noodzakelijkerwijs ook het totaal andere vak van zoiets voor televisie brengen ook beheersten. Omdat methoden om beeld op te nemen nog uiterst duur was en de middelen daarvoor schaars, werden de meeste comedy-series gewoon live op televisie uitgevoerd, vaak met publiek. Wel was er in de VS al kijk- en luisteronderzoek.

P&G (in Nederland nu bekend met merken als Ariel, Lenor, Gillette, Head & Shoulders en Pampers maar ook bijvoorbeeld Braun en Duracell) zag in die tijd met lede ogen aan hoe de kijkcijfers van op zich goed bekeken zenders steevast in een duikvlucht gingen wanneer zij een uur lang ronkend over de geneugten van hun zeep- en machinewasmiddelproducten begonnen te oreren. Daar moest toch wat op te vinden zijn? Als ze nou eens iets zouden bedenken waarmee ze af en toe korte tijd hun zeep-programma's konden onderbreken, iets wat de mensen precies voldoende zou boeien zodat ze knop niet zouden omdraaien.

De marketingmensen van P&G kwamen met het briljante idee van een verhalenreeks met goedkope decors en goedkope acteurs, waarin de verhaallijnen niet al te controversieel waren maar waarin telkens als de emoties hoog opliepen en mensen zich afvroegen hoe het zou aflopen teruggeschakeld werd naar de ronkende praatjes over de zeepproducten van P&G. Het programma kreeg de titel As the World Turns mee, en vormde het begin van een serie die vanaf 2 april 1956 gelopen heeft, en die al vrijwel direct navolging kreeg. Uiteindelijk was As the World Turns de start een heel nieuw genre van tv-series dat daarvoor noch op film, noch in boekvorm al bestond: de soap opera (zeep opera), tegenwoordig in het Nederlands meestal soap genoemd. P&G bleef vanaf het begin tot nu de distributeur van de serie. As the World Turns liep tot dit jaar. De serie stopte heel recent: de laatste aflevering (de 13.858ste!) werd opgenomen op 23 juni 2010 en deze werd in de VS ruim een week geleden op 17 september 2010 uitgezonden.

wordt vervolgd

Bronvermelding: diverse bronnen, wikipedia (exacte gegevens ATWT)

Categorie: opinie - plusminus 875 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

739. Deel 8: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

739. Deel 8: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

19 september 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Ik ben verzot op leuke reclame. Vooral bij die van Centraal Beheer zitten al jarenlang regelmatig echte juweeltjes. Het laat ook zien dat je de intelligentie of geëmancipeerdheid van je (potentiële) klanten als bedrijf helemaal niet hoeft te minachten om zinvolle reclame te maken.

Een veelgehoorde klacht over komische of erg leuke reclame is dat mensen zich achteraf helemaal niet meer herinneren over welk merk of product zo'n leuke reclame eigenlijk dan wel ging. Zelfs mensen uit de reclamebranche zelf hoor je af en toe beweren dat zo'n reclame eigenlijk weggegooid geld is. Maar het gaat er bij zo'n campagne helemaal niet om of je bij het spotje achteraf het merk nog wel weet boven te halen. Waar het om gaat is of je je als je het product in de winkel ziet, het positieve gevoel dat zo'n reclamespot beoogt uit te dragen nog wel weet te herinneren! 

En het werkt. Ook bij mij. Ik ben op basis van eerdere ervaringen en dingen die ik als journalist gezien heb in veel gevallen niet bepaald positief in mijn oordeel over bijvoorbeeld KPN. Toch heeft die maffe reclame met die in stofjassen gehulde goejemoggelmannetjes me wel degelijk wat milder over het bedrijf gestemd. Een bedrijf dat mij zodanig aan het lachen krijgt dat moet toch niet alleen maar kommer en kwel zijn... (en dat is het natuurlijk ook niet :-) )

Maar goed, er blijven voldoende ergernissen over. Is het bijvoorbeeld wel eens opgevallen dat veel stemmen in de reclame tegenwoordig klinken alsof de spreker (meest zijn het geen sprekerinnen) net gepoept heeft, maar uit spijt graag de keutel bijna klaar heel voorzichtig nog niet helemaal wil loslaten? Het gaat dan vaak over dingen die heel verschrikkelijk zijn, of dat men heel ingehouden bescheiden wil praten over dingen die men eigenlijk van zichzelf, in casu het aangeprezen merk fantastisch vindt, maar daar zogenaamd dan niet over op wil scheppen (mij schiet nu een bepaalde autoreclame te binnen en de woorden zuinig en bijtelling en 'terwijl' en 'toch', maar het gebeurt ook bij andere producten).

Reuze irritant zijn ook de spotjes van nalaten.nl. Ik ben toch al weinig tolerant tegen de gedachte van crematoria met neonletters op de gevel die met de dollar-tekens in de ogen (en vermoedelijk een drietand in de hand) mensen op hun twintigste al in een rock'n'roll-crematie proberen te interesseren. Zo reuze irritant dat geneuzel: "U kunt een goed doel opnemen in uw testament. Maar u kunt het ook gewoon lekker nalaten.nl". Ik zou dat zelf veel beter kunnen met: "Nu kan ik eindelijk lekker doodgaan met zo'n goed doel in me testament..." bijvoorbeeld. Of anders: "Loopt u al tijden met het plan rond voor een koel berekende moord? Steun tegelijkertijd een goed doel en ga voordat u afrekent met het object van uw keuze eerst even langs de notaris om deze een goed doel in zijn testament te laten opnemen... nalaten.nl"

Bah!

wordt vervolgd

Bronvermelding: diverse bronnen

Categorie: opinie - plusminus 484 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

738. Deel 7: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

738. Deel 7: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

15 september 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Het vervelende voor de ontvangers van de huidige reclame is vooral dat het toch wel heel erg overkill is. Reclamecampagnes die ik zelf in het verleden wel eens heb gevoerd leverden meestal ongeveer 4% op aan reacties, en als ik moet schatten leidt 1,5% van de benaderde mensen binnen een of twee jaar of zo tot een opdracht. Die cijfers zijn extreem goed begrijp ik van reclamemakers, maar het betekent wel dat ik 98,5% van mijn geld besteed aan mensen die nooit tot een stuiver inkomsten leiden. Vervelend is dus, dat tenzij je heel veel geld aan onderzoek spendeert het per definitie haast niet anders gaat. Tenzij je letterlijk alles van je klanten weet, inclusief kwaaltjes waar ze met hun beste vrienden of hun moeder nog niet eens over willen praten in het geval dat je bijvoorbeeld een product zou willen verkopen dat heel goed werkt tegen seksueel overdraagbare wratten of dat met andere intieme zaken van doen heeft. Daarnaast is marktonderzoek en informatie over mensen verzamelen, bij campagnes die niet zeer breed landelijk worden gevoerd verhoudingsgewijs gewoon te kostbaar. Over enige tijd zal het echter met name ook een imago-kwestie zijn dat je er niet om bekend wilt staan potentiële klanten onnodig met je bedrijfsuitingen lastig te vallen, omdat je ze anders juist wegjaagt in plaats van ze lichtjes tot een aankoop (bij jou) te bewegen.

Het effect dat je met reclame kunt bereiken wordt door de meeste mensen trouwens schromelijk overschat. Een campagne tegen roken is bijvoorbeeld niet per definitie mislukt als er maar tussen de 0,5 en 1% van de mensen tijdelijk minder sigaretten rookt. Bovendien: als ik 100% van de mensen mijn product zou kunnen laten kopen dan was dat in een breder kader gezien natuurlijk ook weer een ongewenst effect. Los van het feit dat je misschien wel de mensen hun vrije wil in zo'n geval ontneemt is zoiets ook nog erg vervelend voor je concurrenten.

Je kunt mensen met reclame echter wel heel goed een beetje op een idee brengen dat misschien in jouw (commerciële) straatje ligt, of ze misschien wel een heel klein beetje een bepaalde richting uit sturen. Om die reden is voor grote merken imago ook veel belangrijker dan directe aankoop-beïnvloeding. Imago is vaak zelfs nog belangrijker dan de eigen naamsbekendheid die voor bedrijven als bijvoorbeeld Philips toch altijd vrijwel onveranderbaar ergens tussen de 90 en de 100% zit. (Ik vraag me trouwens altijd af wie die toch nog 7 of 8% van de ondervraagden bij zo'n onderzoek zijn die een merk als Philips dan toch weer niet blijken te kennen. Ik zie wel eens onnozele gezichten op tv en dan denk ik 'zou dat er eentje zijn?' Of die? Of die?? Of die???!!) Grote merken staan vaak al zo goed in de markt gepositioneerd dat ze in de zin van marktaandeel soms ook gewoon niks meer te winnen hebben. De reclame die ze dan maken is er vaak ook mede op toegespitst om het bestaande marktaandeel vooral toch niet te laten krimpen.

wordt vervolgd

Bronvermelding: diverse bronnen over een langere periode

Categorie: opinie - plusminus 502 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

737. Deel 6: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

737. Deel 6: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

14 september 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Stel je eens het volgende voor. Je komt als toerist in een stad, ziet er een beetje uit alsof je wel wat te besteden hebt. En dan komt er een andere toerist die daar samen met zijn vriendin al stond en die loopt op je af en vraagt of je met zijn nieuwe mobiel een foto van hem en zijn vriendin wilt maken. Leuke mobiel, denk je nog. Of je denkt dat niet. En hij begint er in dat geval zelf over. De man beaamt dat het een erg leuk toestel is dat hem vooral vanwege die camera heel erg goed bevalt. En er zijn nog andere voordelen. Kostte ook nog eens niet veel dat apparaat.

Verder niets.

Wat je echter niet weet is dat dit stelletje twee acteurs zijn, die daar dag-in dag-uit staan te werken en die daar iedere dag, betaald door het reclamebureau van de mobieltjesfabrikant een nauwgezet gerepeteerd en licht geïmproviseerd toneelstukje staan op te voeren. Het script van dat toneelstukje is door een team van psychologen zo uitgedacht dat het het maximale effect heeft.

Dit is dus wat er de komende jaren heel veel gaat gebeuren. Als het goede acteurs zijn (en waarom zouden studenten aan bijvoorbeeld een acteursopleiding met een bijbaantje dat niet zijn) dan merk je er niets van. Acteurs blij met hun baantje en de praktijkervaring, en jij misschien wel met een geweldige nieuwe mobiel met camera.

Toch is het natuurlijk zo oneerlijk als maar kan. Het is gewoon bedrog. Als deze manier van reclamemaken echt heel erg ingeburgerd raakt, ga je je wellicht bij iedere toevallige ontmoeting heel paranoïde eerst afvragen door wie kennismaking nou weer gesponsord is.

Het is een trend die we toch veel vaker zullen gaan zien. Mensen nemen vanwege telefooncolportage, die gelukkig in veel gevallen tegenwoordig niet meer toegestaan is, de telefoon niet meer aan als het niet een nummer van een bekende is. En al zeker niet meer als het  tijdens etenstijd gebeurt. Op die manier lopen ze wel de kans mis om die oude buurtgenoot of vriend te spreken die na vele jaren de nodige moeite heeft gedaan om het telefoonnummer te achterhalen. Om maar een voorbeeld te noemen. Reclame maakt altijd natuurlijk al een klein beetje misbruik van de gastvrijheid van mensen en het is maar te hopen dat mensen zich om die reden uiteindelijk niet en masse gaan afzonderen of in heel selecte afgesloten clubjes gaan organiseren.

wordt vervolgd

Bronvermelding: diverse bronnen over een langere periode

Categorie: opinie - plusminus 404 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

736. Deel 5: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

736. Deel 5: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

5 september 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Het voorbeeld van het programma Radar in mijn vorige column behoeft overigens nog enige aanvulling. Niet alleen de medicijnfabrikanten oefenen namelijk technieken van het uitvergroten van de werkelijkheid van ziektebeelden uit om hun punt te maken of om hun gelijk aan te tonen. Hetzelfde programma Radar uit de vorige column heeft voor wat betreft publiciteit over ziektebeelden en medicijngebruik ook niet helemaal een ongeschonden blazoen. Althans in een deel van de medische wereld, die in het verleden af en toe erg kritisch was over de stellige overtuiging waarmee dingen in het programma werden gesteld.

Het door Hertsenberg genoemde en door Radar in dit kader vaker aangehaalde voorbeeld van het restless leg syndrome dat ik zelf in de vorige column bewust ook overnam, hoort in het rijtje van de symptoommarketing bijvoorbeeld gewoon niet thuis omdat het niet aan de belangrijkste criteria daarvoor voldoet. Restless Leg Syndrome (RLS) is een ziektebeeld dat verwant is aan narcolepsie en slaapapneu, en het kan zoals de meeste ziekten ook gewoon worden vastgesteld. Mensen hebben er hoewel ze soms niet goed kunnen omschrijven wat er met ze aan de hand is wel degelijk last van. Het is in ieder geval zeker niet een ziekte die mensen zich zouden laten aanpraten, of die bij gezonde mensen af en toe op nauwelijks hinderlijke wijze de kop op steekt.

Het predicaat 'symptoomreclame' gaat voor RLS ook niet op, omdat er niet één bepaald medicijn is dat oplossing kan bieden. Sterker nog, veel vaker bieden simpele maatregelen als het vermijden van alcohol en cafeïne, massage, een koele slaapkamer en 's avonds mentaal actief blijven een behoorlijke oplossing voor de problemen. Daarnaast is er een heel scala aan medicijnen dat gebruikt kan worden al naar gelang wat blijkt te werken, zoals pijnstillers, meerdere dopamine-derivaten, diverse benzodiazepines, opiaten en anti-epileptica.

Aan de andere kant is er voor het ziektebeeld wel een reclamecampagne geweest die vanuit de farmaceutische industrie werd bekostigd

In de toekomst zullen we meer en meer met vormen van guerrillamarketing te maken krijgen. En dat zullen ook meer en meer reclamevormen zijn die als zodanig voor het doelwit van de reclame niet te herkennen zijn. Bedrijven zullen ons verborgen boodschappen op een manier brengen die we niet meer kunnen herkennen. Er zal van alles uit de kast getrokken worden, van subtiele persoonlijke benadering tot bepaalde vormen van sponsoring. Op zich is er overigens niets mis met sponsoring.

Bij tijdschriften is er, als het goed is een strikte scheiding tussen de commerciële kant en de kant die zeg maar alle nieuws en roddels weegt, en die ons van het vele nieuws dat er is een voor hun doelgroep relevante mix voorschotelt. Maar wat gebeurt er als een tijdschrift het zo moeilijk heeft dat het in zijn voortbestaan wordt bedreigd? Banen op de tocht noem maar op. En op dat moment komt er iemand met een grote zak geld, die jubelend als belangrijkste adverteerder van het blad wordt binnengehaald en die zo het hele tijdschrift alsnog van de ondergang redt. Een maand later stuit het blad vervolgens op een niet al te belangrijk nieuwsverhaal dat toch relevant genoeg lijkt om te plaatsen. De hoofdpersoon die in het artikel in een kwaad daglicht gesteld wordt, blijkt niemand minder dan de nieuwe adverteerder van het blad te zijn. Wat doe je als eindredacteur van zo'n blad dan? Houd je dan je rug nog recht?

De meeste patiëntenverenigingen in Nederland worden wel in enige mate gesponsord door een farmaceutisch bedrijf dat belang heeft bij het ziektebeeld waar de patiëntenvereniging voor is opgericht. Patiëntenverenigingen worden vaak bestuurd door niet-professionals die in een aantal gevallen zich ook helemaal niet voldoende realiseren hoe dit soort dingen precies gespeeld worden. Farmaceutische bedrijven, met name de wat grotere weten heel goed waar Abraham wat dat betreft de mosterd haalt. In veel gevallen wordt de informatie van zulke bedrijven dan ook zonder enige kritiek aan de patiënten gepresenteerd. Patiënten die wellicht wat wantrouwend tegenover medicijnfabrikanten staan, maar die informatie van een patiëntenvereniging dikwijls als volstrekt betrouwbaar tot zich nemen.

wordt vervolgd

Bronvermelding: diverse bronnen over een langere periode, stichting-restless-legs.org, wikipedia

Categorie: opinie - plusminus 667 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

735. Deel 4: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

735. Deel 4: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

2 september 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Een keurige mevrouw in een filmpje op een website doet de volgende bekentenis: "Ik had vaak last van een opgezwollen buik, en dat ging dan gepaard met misselijkheid. Maar op een gegeven moment toen kreeg ik het ook benauwd. En op het moment dat ik het ook benauwd kreeg dacht ik van "Hé, dit zit toch niet zo lekker". Maar ik ging me pas echt zorgen maken toen er hartkloppingen bij kwamen. Toen dacht ik van "Hé, nu moet ik even naar de dokter gaan. Nu wil ik weten wat er aan de hand is." Maar ja toen ik eenmaal bij de dokter was, toen kon ze niet iets vinden, en toen kwam ik in de molen van onderzoeken terecht en toen bleek dat ik het roomheld-syndroom heb. Nou ja, ik hou mijn winden altijd op want het is voor mij geen optie om in gezelschap een wind te laten. Ik bedoel, ik zou de mensen echt niet meer onder ogen durven komen... Ik had alleen nooit gedacht dat ik van zoiets simpels als gasvorming zoveel last zou kunnen hebben. Ik weet nu in ieder geval wat het is en ik ben ook blij dat er wat aan te doen is."

Het gaat hier om de transcriptie van een andere uiting van een onsympathieke vorm van guerrillamarketing. Deze vorm bestaat doordat in Nederland rechtstreekse reclame voor medicijnen die alleen door arts mogen worden voorgeschreven niet is toegestaan. En dus zie je dat de farmaceutische industrie dit verbod ontduikt door niet te adverteren voor het medicijnproduct zelf, maar door met reclame voor het ziektebeeld klanten te winnen die anders misschien wel helemaal niet op het idee gekomen waren dat ze iets mankeerde.

De werkwijze die tegenwoordig vaak symptoomreclame wordt genoemd, gaat natuurlijk alleen op voor medicijnen waar één fabrikant het patent heeft op het enige, of op het meest voorgeschreven middel voor het betreffende ziektebeeld. Voorbeelden daarvan zijn onder andere reclames voor erectieproblemen, voor het restless leg syndrome en natuurlijk de reclames over schimmelnagels die lange tijd niet van het scherm te branden waren.

Het tv-programma TROS Radar zette ooit om de praktijk van de symptoomreclame aan de kaak te stellen een eigen niet bestaand medicijn in de markt. Antoinette Hertsenberg vertelde daar onlangs in het programma Argos van de VPRO het volgende over: "De campagne tegen de winderheid is wat symptoomreclame wordt genoemd. Fabrikanten mogen geen reclame maken voor hun geneesmiddelen, maar wel voor de kwaal zelf. En dus proberen ze de mensen een kwaal aan te praten. Of dat nou gaat over rusteloze benen of over plastest.nl. "Heeft u ook wel eens last om uw plas op te houden?" Dan ga je naar een website en dan heb je vier vragen, en als je op één van de vier 'ja' zegt, bijvoorbeeld 'Moet je 's nachts wel eens je bed uit om te plassen' - dat moet ik ook wel eens - dan krijg je al het advies om naar de dokter te gaan. En eigenlijk wordt het advies van de medicijnen dan ook al zo'n beetje meegegeven."

"Wij wilden duidelijk maken hoe dat werkt. We hebben toen een ziekte uitgevonden, winderigheid, en we zijn ook echt naar het NIPO geweest. Die hebben Nederland geënquêteerd. Nou het bleek echt verschrikkelijk. Ik geloof dat een kwart van de Nederlanders had er last van. Maar NIPO was ook wel zéér bereid om een beetje mee te gaan in de onderzoeksdoelstelling. Die snapten terwijl ze niet wisten dat het om een fake-opdracht ging heel goed wat we wilden. De verborgen camera legde vast dat NIPO prachtig zat mee te fantaseren over hoe erg de uitslagen wel niet zouden worden."

"De organisaties die Radar hiermee onder andere beet had, en die moeiteloos hun medewerking verleenden waren de farmaceutische industrie, natuurlijk NIPO, en verder de artsen en de apothekers die allemaal die posters voor het ziektebeeld ophingen. En er was een persbericht dat heel veel programma's overnamen. Nieuwsprogramma's zijn erin gevlogen, want ja, NIPO staat toch voor een soort van degelijkheid. En dus denkt iedereen "dat is serieus dus daar besteden we aandacht aan". Daarmee kun je zien hoe makkelijk het is om, want we hadden er helemaal niet zoveel geld voor, om met een beetje geld een hele hype te creëren rond een ziekte die dus helemaal niet bestaat. We hadden ook een hele mooie website gemaakt met allemaal van dit soort (filmpjes van) getuigenissen."

Symptoomreclame is uiteraard een kwalijke zaak, omdat hiermee door kapitaalkrachtige bedrijven het verbod op de medicijnreclame wordt ontdoken. Het middel tegen schimmelnagels dat zo gepromoot wordt, staat daarnaast volgens de Nederlandse Wikipedia in de top tien van geneesmiddelen die de meeste bijwerkingen hebben, en in een patiëntenbrief van het Nederlands Huisartsen Genootschap, NHG (versie april 2008) wordt het gebruik van antischimmelmiddelen zoveel mogelijk ontraden, ook al omdat iedere medische grond voor behandeling ontbreekt.

De website over de nepkwaal is overigens nog steeds te vinden op http://hetluchtop.nl/ (de voorbeeldfilmpjes zijn schitterend!)

Zie ter vergelijking ook de site http://www.plastest.nl/, die wel degelijk voor een echt medicijnproduct gemaakt is.

Patiëntenbrief NHG: (hier te bekijken)

wordt vervolgd

Bronvermelding: VPRO's Argos, TROS Radar, Wikipedia (NL), diverse bronnen op internet

Categorie: opinie - plusminus 806 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

734. Deel 3: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

734. Deel 3: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

1 september 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Een ander sympathiek voorbeeld van guerrillamarketing was het dure ijsjesmerk Ben & Jerry's, toen nog niet door Unilever overgenomen. Het bedrijf had een sympathiek en hippie-achtig imago dat niet alleen kwam doordat ze dingen deden als een themapark stichten bij hun grootste fabriek waar bezoekers een dag lang onbeperkt gratis ijs konden komen eten. Beide directeuren waren lokaal in de VS al enigszins publieke figuren, maar nog lang niet zozeer als later het geval was. Ben Cohen was vanaf de oprichting van het bedrijf degene die over de smaak van al hun ijsproducten ging, maar is op dat gebied enigszins gehandicapt omdat hij maar een zeer beperkt smaakvermogen heeft (hij heeft anosmie, d.w.z. hij mist het vermogen om te ruiken), wat de reden is waarom hij van bijvoorbeeld grote brokken caramel of bevroren koekjesdeeg in ijsjes houdt. Ben vond, dat ijs behalve smaak ook een textuur behoort te hebben, en dat is nog altijd het handelsmerk van het bijzondere ijs van het bedrijf.

De grootste concurrent van B & J probeerde ze in de jaren tachtig op oneerlijke wijze uit de winkels in en rondom Boston te weren door bijvoorbeeld aan hun afnemers te stellen dat ze zouden moeten kiezen: of Ben & Jerry's uit de winkel, of zij eruit. Doordat Häagen-Dasz op dat moment een uitgebreider aanbod leverde en een grotere partij was, kozen veel winkeliers dan eieren voor hun geld en Ben & Jerry's gingen eruit. Ben & Jerry organiseerden toen verschillende rechtszaken niet hielpen, als ware hippies (hun voorveld voordat ze ondernemer werden) wekenlang protestacties voor de deuren van het hoofdkantoor van Häagen Dasz-eigenaar Pillsbury die daar eerst nogal lacherig over deed. Toen echter bleek dat de heel slim opgezette actie met op spandoeken en borden de tekst 'What’s the Doughboy Afraid Of?', refererend aan het logo en de mascotte van Pillsbury, en de schare fans van de bijzondere ijsjes voor de deur, niet alleen de verkopen deden teruglopen, maar dat door de vele publiciteit hierover ook de aandeelhouders zich begonnen te roeren. Pilsbury haalde uiteindelijk bakzeil, zij het veel te laat. Marktexperts stellen dat de grote groei die Ben & Jerry's ijs in de periode daarna doormaakte regelrecht het gevolg was van wat hun actie tegen Pillsbury aan publiciteit had opgeleverd. Zonder dat waren ze Häagen-Dasz vermoedelijk nooit voorbijgestreefd.

Een minder sympathiek voorbeeld van guerrillamarketing kwam de afgelopen week in het nieuws toen Nieuw-Zeelandse onderzoekers tot de conclusie kwamen dat tabaksindustrie, die bijna nergens in westerse landen nog reclame mag maken zich op grote schaal op YouTube heeft gestort. Van de 163 video's die uit zoekopdrachten in het kader van hun onderzoek naar de grote sigarettenmerken tevoorschijn kwamen, was 71% ronduit pro-roken. Twintig van de video's waren van zodanige kwaliteit dat ze door prominente reclamebureaus moeten zijn gemaakt. Slechts vier procent van de gevonden video's waren daarbij anti-roken.

Hoewel de tabaksindustrie naar aanleiding van het onderzoek ontkende dat er sprake is van bewust uploaden door de industrie, verwijten de onderzoekers van de universiteit van Otago (N.Z.) de producenten dat er sprake is van bewuste campagnes. Ze wijzen er daarbij op dat de fabrikanten bijvoorbeeld nooit geprobeerd hebben om te betreffende filmpjes, waarop zij het auteursrecht hebben van de site hebben laten halen, en pleiten er verder voor om naast de reclame op bijvoorbeeld televisie en radio, ook de reclame voor tabaksproducten op internet te verbieden.

wordt vervolgd

Bronvermelding: diverse bronnen op internet, waaronder Wikipedia in verschillende talen en Nu.nl

Categorie: opinie - plusminus 552 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

733. Deel 2: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

733. Deel 2: Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

30 augustus 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Bij een dienst als Gmail (Google is nogmaals niet het enige bedrijf dat dit soort diensten aanbiedt) worden de advertenties gebaseerd op de inhoud van het mailtje dat je op dat moment leest of aan het bewerken bent. Voor dat doel wordt de inhoud van het mailtje waarschijnlijk geheel of gedeeltelijk naar een server van het bedrijf gestuurd. Ik vind dat zelf geen prettig idee. Een paar jaar geleden nog werd coffeeshophouders in Nederland afgeraden om een mailadres van Gmail te gebruiken omdat bovendien niet duidelijk is waar die servers van de weblogdienst, die sowieso alle mailtjes van een gebruiker opslaan, eigenlijk precies staan. Wanneer de inhoud van mailtjes over de in Nederland gedoogde handel op een Amerikaanse server worden geparkeerd, dan zou een uitgeslapen diender of medewerker van justitie aldaar wellicht kunnen vermoeden dat de mailtjes over deze in de VS zwaar strafbare zaken ook vanuit het perspectief van de wetgeving in dat land beoordeeld moeten worden.

Behalve dit soort dingen vindt een toenemend aantal mensen het niet prettig hoeveel dit soort reclamebedrijven ondertussen over iedere particulier weten. Waar ik zelf bijvoorbeeld even van moest slikken is dat ik een poosje terug op de webshop van Wehkamp of Neckermann had gekeken en kort daarna op die van Conrad en Viking Direct. Een dag later viel het me op dat ik ineens toch wel erg veel reclame op allerlei sites zag van deze drie door mij virtueel bezochte bedrijven. En het werd helemaal griezelig toen ik me realiseerde dat al die reclames die ik bij mijn Gmail mailtjes en op verschillende andere sites tegenkwam, ook nog precies de drie producten lieten zien waar ik op die sites in mijn herinnering het langst naar had gekeken. Dat moest dus allemaal zijn onthouden, ofwel bij de betreffende bedrijven zelf, of bij Google, ofwel in een cookie dat door één van die partijen op de harde schijf van mijn PC was achtergelaten.

Een ander alternatief voor reguliere reclame en het meer persoonlijk benaderen van prospects is guerrillamarketing. Dat is overigens iets dat al veel langer bestaat, maar het wordt nu wel gezien als redding voor de reclamebranche. Ik heb zelf eind jaren tachtig nog eens een korte cursus guerrillamarketing gedaan. Het begrip is in betekenis sindsdien flink uitgebreid, in de zin dat meer zaken tegenwoordig onder de noemer guerrillamarketing vallen. Het wordt door veel mensen nog steeds gezien als een hoopvolle ontwikkeling.

De term guerrilla komt uit het Spaans en is het verkleinwoord van het Spaanse woord voor oorlog. Sinds de achttiende eeuw wordt de term gebruikt voor een militaire tactiek waarbij kleine groepjes militairen het een in getallen heel veel groter leger uiterst moeilijk maken, en er in de geschiedenis daarbij regelmatig in slagen dat leger zelfs helemaal verdrijven. Afijn, in het huidige tijdsgewricht zijn er natuurlijk legio voorbeelden te noemen van waar de tactiek in militaire zin nog steeds aan de orde van de dag is.

Bij guerrillamarketing gaat het om iets soortgelijks. Een bedrijf dat het budget niet heeft om groots reclame te maken, kan door guerrillamarketing voor bijzonder weinig geld toch grote successen behalen. Dat kan zowel op een sympathieke als op een minder sympathieke manier. Een voor veel mensen sympathiek voorbeeld waren bijvoorbeeld de Bavaria-meisjes die bij het WK in hun oranje jurkjes op de tribune plaats namen. De brouwer in kwestie had niet het budget van grote concurrent Budweiser, welke laatste het exclusieve recht op reclame tijdens het evenement had verworven. Zowel de door veel mensen toch al onsympathiek gevonden FIFA als de grote bierconcurrent speelden vervolgens Bavaria enorm in de kaart door precies zo te handelen dat de actie nog heel veel meer publiciteit kreeg als waar de bedenkers op gehoopt hadden. Een PR-blunder van de bovenste orde, vermoedelijk ingegeven door arrogantie.

Het beste is waarschijnlijk om als slachtoffer in zo'n geval te roepen 'goede stunt, applaus' en te hopen dat de publiciteit dan snel verstomt, en niet te proberen de zaak alsnog via rechtszaken te regelen, en je daarmee een slecht verliezer te tonen. Bovendien, het simpele feit van het dragen van een oranje jurk ter gelegenheid van een feestelijke gebeurtenis is volgens mij in vrijwel geen enkel westers land verboden. Het budget voor de hele actie was ongetwijfeld slechts een schijntje en het leverde wereldwijd vele miljoenen aan onbetaalde reclame op.

wordt vervolgd

Bronvermelding: diverse bronnen op internet

Categorie: opinie - plusminus 698 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

732. Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

732. Reclame wordt minder irritant - en geniepiger

28 augustus 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Het is niet zo dat ik me alleen maar aan reclame stoor. Als je mijn eerdere columns daarover leest dan zou die indruk kunnen ontstaan, maar bepaalde reclames vind ik ronduit fantastisch. Misschien ga ik daar ook nog wel eens over schrijven, maar het is natuurlijk veel leuker om juist de kritische noten eens tegen het licht te houden. Ik ben overigens zeker niet de enige die zich wel eens aan reclame-uitingen stoort. De reclamewereld ziet dat ook, en bepaalde stromingen uit dat veld verwachten dan ook dat binnen een jaar of acht de mensen de huidige dikke brei aan reclame die we voor de kiezen krijgen gewoonweg niet meer zullen pikken. Als je niet oppast dan zal het aantal reclamebureaus door die trend in de komende jaren ook flinke klappen oplopen. Als er niets gebeurt tenminste.

Natuurlijk wordt dat doemscenario door de reclamebranche niet lijdzaam afgewacht. Een mogelijke oplossing zit in het veel persoonlijker maken van reclame. Door veel meer over mensen te weten te komen en ze persoonlijker te benaderen hoef je niet meer alle reclame aan iedereen te sturen. Dat spaart behalve irritatie bij de ontvanger, ook een hoop kosten in de verspreiding en als de reclame op papier zou komen te staan, ook nog het milieu. Natuurlijk zitten er privacy-aspecten aan die manier van werken. Doordat sommige verspreiders van reclame zich misdragen door bijvoorbeeld miljoenenen spam-mailtjes tegelijk te versturen zie je dat regelgeving op dit gebied steeds strenger wordt.

Google is bijvoorbeeld een bedrijf dat het verzamelen van gegevens over personen en bedrijven tot een ware kunstvorm heeft verheven. Google is als bedrijf niet, wat veel mensen denken, een aanbieder van een verdomd goede zoekmachine, of van een handige e-maildienst. Om maar wat te noemen, want het bedrijf doet heel veel meer dan alleen dat. Maar goed, met een gratis mailadres voor iedereen en gratis mooie zoekresultaten alleen maak je nog geen omzet natuurlijk. Google is in eerste instantie een bedrijf dat reclame verkoopt. Hoewel het wel het grootste bedrijf op dat gebied is (Google is met afstand de grootste aanbieder van reclameruimte in de wereld), is het zeker niet het enige bedrijf dat op die manier werkt.

Zelf vind ik de reclame die je van bedrijven als Google te zien krijgt in een aantal gevallen op het griezelige af. Een mooie ontwikkeling vind ik aan de andere kant Google's AdSense/AdWords, dat zijn de kleine advertentietjes die iedereen op zijn site kan zetten. Ik heb ze zelf ook. Het leuke is dat je daar dus ook gewoon als website-eigenaar wat inkomsten mee creëert. Om de zoveel weken krijg ik keurig een bedragje voor de reclameruimte die het bedrijf zo op mijn websites mag gebruiken op mijn rekening gestort. Het is niet veel, maar vaak toch genoeg om grotendeels de domeinnamen en de hostingkosten te betalen.

De inhoud in deze advertenties wordt overigens aangepast aan de inhoud van de site waarop ze staan. Sterker nog, ze passen zich precies aan, aan de tekst op je site waar de kleine advertenties dicht in de buurt staan. Schrijf je bijvoorbeeld een weblog over pudding of pizza's, dan kun je er donder op zeggen dat bij wijze van spreken de reclames naast deze tekst van Dr. Oetker's Big Americans zijn, of voor de diepvriespizza's van Iglo of van Albert Heijn of voor een aantal toetjesproducten.

Dit heeft overigens wel een onbedoeld bij-effect. Als je wat meer over de kleine Google-reclametjes weet, dan weet je ook dat bepaalde woorden waar de advertenties zich naar richten veel meer geld opleveren dan andere. Een aantal mensen houdt er bij het schrijven van hun weblogs of andere teksten dus bewust rekening mee dat er minimaal een paar van de meest betalende woorden in de tekst voorkomen. Hierdoor kunnen teksten soms redelijk gekunsteld aandoen, en ook is het raar als bepaalde minder gebruikelijke woorden ineens meermaals in zo'n tekst opduiken.

Verder zijn mensen met dit soort advertenties op hun site eerder geneigd om in hun teksten aan zelfcensuur te doen. Gaat een tekst namelijk bijvoorbeeld iets teveel de, zeg maar pikante lingeriekant op, dan blijven de kleine advertentietjes leeg en krijg je dus vanwege de betreffende tekst voor dat gedeelte van je website ook even niets betaald.

Het is mijzelf zeker enkele keren overkomen dat de advertentietjes op mijn site naast een bepaalde column leeg bleven, en dat ik pas na heel lang zoeken erachter kwam wat (cq. wélke woorden) mogelijk de oorzaak was/waren geweest. Er zijn mensen die om die reden het schrijven van teksten waarmee ze dit risico lopen dus vermijden.

In de algemene voorwaarden bij de advertentiedienst staat dat het bedrijf zich ook het recht voorbehoudt om bij overtredingen van de voorwaarden alle reclames op de sites van de persoon in kwestie, maar ook de in de periode vooraf opgebouwde tegoeden die nog niet zijn uitbetaald vanwege een overtreding per direct te annuleren. Tot de redenen kunnen ook kwetsende teksten worden gerekend of teksten die door veel mensen in strijd gevonden worden met de goede smaak.

wordt vervolgd

Categorie: opinie - plusminus 834 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

731. Pipo de Clown on ecstasy

731. Pipo de Clown on ecstasy

23 augustus 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Ik schrijf eigenlijk nooit over voetbal en ik ga daar ook nu geen uitzondering op maken, maar in juni sprak ik onwetend af op het stadhuis, precies tijdens een van de belangrijkste wedstrijden van het WK. Ik had de afspraak een week van tevoren gemaakt, en ik hoorde de ochtend zelf op de radio dat het dan wel eens erg rustig op straat kon zijn. Zelfs mijn moeder die ik niet als iemand ken die zich erg voor voetbal interesseert vroeg zich af waarom ik in hemelsnaam niet naar het Nederlands elftal zou kijken.

Afijn, ik dacht dus in alle rust dus voor het eerst van mijn leven mijn vingerafdrukken af te kunnen staan. Maar daar kwam ik bedrogen uit: niet alleen het aantal bezoekers was minder dan normaal. Ook waren er onder de mensen die achter de loketten zaten ongetwijfeld voetballiefhebbers, en die zaten op dat moment dus voor de televisie.

Ik kwam er vorig najaar precies twee weken te laat achter dat mijn paspoort dus verliep kort nadat een paspoort zonder vingerafdrukken niet meer mogelijk was. Had ik dat eerder geweten, dan had ik zonder meer het verlengen van mijn reisdocument met een maand of zo vervroegd. Nu heb ik het aanvragen van een nieuw grenspapier (of plastic met een chip tegenwoordig) zo lang uitgesteld als maar verantwoord was.

Uit een mild soort vorm van verzet heb ik de weken voordat een en ander moest gebeuren nog wel mijn nagels niet om aan te zien zo lang laten groeien, in de ijdele hoop dat dit het dactyloscopische werk nog enigszins zou bemoeilijken.

Ik heb wel een veel betere pasfoto nu. Veel beter dan de rijbewijsfoto waar ik eerder al eens over schreef. Dit keer niet zoals toen in zwart-wit een regelrechte 'mugshot', maar ik zie er enorm vrolijk uit. Niet dat ik er ook maar een heel klein beetje op lijk hoor. Als je een beetje rode verf op het puntje van mijn neus fotoshopt zie ik eruit als Pipo de Clown on ecstasy and coke! Niettemin ben ik er toch iets minder ontevreden over dan over die mislukking van twee jaar geleden. En ook deze is gemaakt door onze nabijgelegen vakfotograaf met wie ik samen heel secuur de grenzen van wat er op zo'n foto mag dus nog eens flink heb opgezocht. Ik sloot van tevoren dan ook helemaal niet uit dat het plaatje waarop ik geheel in weerwil van de werkelijkheid grote flaporen lijk te hebben en een niet te negeren jeuk onder mijn voetzolen, alsnog zou worden afgekeurd.

Ik sta wel te kijken van de efficiency van onze gemeentewebsite die dan ook al vele prijzen heeft gewonnen. Je kunt bij het maken van een afspraak heel gewoon met een pulldownmenu het doel van je komst naar het gemeentehuis selecteren, waarna je met dezelfde rolgordijntjes een tijd en datum uit mag kiezen. Klik je op bevestigen, dan krijg je een mailtje met daarin nogmaals bevestigd het tijdstip en alle paperassen en financiële middelen ("pinnen heeft onze voorkeur") die je bij het bezoek dus nodig hebt. Dat was bij deze dramatische gebeurtenis dan toch weer een heel klein pluspuntje. Soms gaan er toch echt nog wel eens dingen heel gewoon goed hier in dit land.

Categorie: life-log/opinie - plusminus 532 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.

730. Het buskruit niet

730. Het buskruit niet

18 augustus 2010
©2010, copyright: GoHansBrinker.com


Ik begon deze lange serie van columns in 2001 min of meer met de woorden dat ik veel over reclame zou gaan schrijven, omdat ik me daar erg vaak aan stoorde. Het is in de tussentijd soms wel eens iets minder geweest, maar ik erger me nog steeds geregeld aan reclame. En dikwijls begrijp ik ook helemaal niets van bepaalde producten die je af en toe in de reclame ziet.

Een jaar of wat geleden had ik de site www.zapwegbijfrisia.tk opgezet (hij bestaat al lang niet meer, maar verschillende kranten schreven er destijds over, omdat ze dachten, zoals de site lichtjes suggereerde met een hele actiegroep van doen te hebben :-) ). Lang voordat deze goede bank ook echt zowel letterlijk als figuurlijk in diskrediet raakte, ergerde ik me al aan de reclame die die instelling maakte. Ook toen al was die bank (Frisia = DSB) voor veel mensen een discutabel bedrijf, en ik stoorde me eraan dat Frisia het nodig vond om bekende Nederlandse als Edvard Niessing in te zetten om haar imago op te vijzelen.
En dan nog Leen van Frisia. Ik weet niet of mensen zich het onbetrouwbare gezicht en de maniertjes van die figuur nog weten te herinneren, maar de reclame leek regelrecht gericht op uitsluitend mensen, die zich vanuit een kwaadaardig soort van masochisme moedwillig de ene miskoop na de andere willen laten aanmeten. De huidige SpecSavers-reclame irriteert me trouwens op dezelfde manier als Leen dat destijds deed.

Het afgelopen jaar heb ik me ook gestoord een product waarmee je je PC op de televisie aan kunt sluiten. Of eigenlijk vooral verbaasd in dit geval meer. Je ziet een popie-jopie die ook alweer aan Leen doet denken, met zijn vrienden op de bank zitten en oh oh wat een bijzonderheid, wat je anders op de PC ziet, zie je nu op de televisie. De mannetjes rollebollen over hun IKEA-bank bij het zien van een simpel YouTube-filmpje. Volgens de bijbehorende website hebben ze er ook nog een patent op weten te bemachtigen. Dat mag een groot wonder heten, want al twintig jaar geleden zoemde het onder experts over de zogenaamde convergentie van de technieken voor televisie en die van de PC. Bij het simpele woord 'convergentie' wist iedereen in de branche waar het over ging. Die experts waren overigens wel in tweeën verdeeld over de vraag of het nu de televisie was of de computer die het zou gaan winnen.

Inmiddels weet iedereen dat het de computer is (of smartphone, cq. iPad-achtige toepassingen) die uiteindelijk als winnaar uit de bus gaat komen. Al was het alleen maar omdat in ieder kastje dat je voor digitale televisie nodig hebt niets anders zit dan een heel gewone enigszins aangepaste PC, terwijl het televisietoestel zelf alleen nog maar als een soort domme monitor in gebruik is. Maar nee, hoor de mannen van de olijke reclamespot hebben in 2008 de uitvinding van het millennium gedaan. Even om de heren wakker te schudden, ik kijk op mijn PC al sinds 1998 naar de reguliere televisie. Eerst via de kabel en nu via de digitale ether. In het verleden had ik op mijn PC een scart-aansluiting waar ik het voor TV-kijken destijds iets beter geschikte beeldscherm van mijn televisietoestel af en toe op aangesloten had.

Voor het apparaat uit de reclamespot is overigens zowel de voor 149 euro geleverde settopbox nodig, als een bestaande televisie én toch ook nog een op internet aangesloten PC. Nog even een leuke om de vermeende slimheid van het product een beetje te verduidelijken. TV's hadden in het verleden vaak een veel minder goede beeldkwaliteit dan een PC. Verder is een TV ook veel minder goed geschikt om stilstaande letters weer te geven. TV's zijn traditioneel vooral goed in bewegende beelden. En ze zijn natuurlijk een stuk groter. De meeste huidige computers zijn inmiddels in beide dingen goed. Dat komt omdat ze naast voor tekstverwerken ook voor gamers goed te gebruiken moeten zijn.

Het elektronische ei van Columbus denken ze daar bij dat bedrijf te hebben uitgevonden, maar tegelijk volgens mij het buskruit niet...

Categorie: opinie - plusminus 679 woorden - Deze column kan deels op fictie berusten en de informatie is niet noodzakelijkerwijs volledig. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. De column is niet in alle gevallen heel geschikt voor jonge lezers.